Zomerkind

De zomer van 2011 begint met een regenachtige, grijze dag. Maar voor mij is het een bijzondere dag.

Ik denk terug aan acht maanden geleden. Op een nazomerdag loop ik alleen over het strand in Bergen aan Zee. Frank is deze week aan het zeilen met zijn jaarclub in Napels. Ik wacht op een telefoontje van het ziekenhuis. Maar eigenlijk weet ik de uitslag al. Ik stel me in op een teleurstelling en beloof mezelf deze keer niet te gaan huilen. Na zes mislukte IUI en twee mislukte IVF pogingen weet ik ondertussen hoe het voelt. Het ziekenhuis gaat me me tussen twee en half vijf bellen. Om vier minuten over twee een sms van Frank: ‘Weet je al wat?’ Ik lach en sms terug: ‘Wat denk je zelf? Het is amper twee uur, voor half vijf weten we het.’

Ik kijk naar de lucht en zie wolken. Dan breekt plotseling de zon voorzichtig door. Tegelijkertijd hoor ik mijn mobiel overgaan: een onbekend nummer. Het is acht over twee. Ik neem op.
“Spreek ik met Anne Tel?”
“Ja.”
“U spreekt met Marjolein van de IVF-kliniek. Wilt u even gaan zitten?”
“Nou,” antwoord ik, “Ik loop op het strand, dus zegt u het maar gewoon.” Ik weet wat er komen gaat. Ik weet dat ik deze keer niet verdrietig hoef te zijn, want ik heb nog zes embryo’s in de vriezer. Ik ga niet huilen. Ik ga niet huilen!

Dan hoor ik haar zeggen: “U bent zwanger!”

“Ben ik zwanger?”, roep ik uit, “Weet u het zeker? Ik kan het niet geloven!” Ik word overmand door emoties van extreme blijdschap en geluk. Tranen stromen over mijn wangen, ik spring in de lucht, ik draai een rondje en laat me in het zand vallen.

Ik bel Frank; hij neemt niet op. Dan zie ik dat ik per ongeluk het thuisnummer belde. Volkomen in de war klik ik de hartjes-app aan, die gelijk mijn liefde belt op zijn mobiel. Mijn handen trillen. Mijn lichaam beeft van geluk. De telefoon gaat over, één, twee, drie keer en dan neemt mijn grote liefde op die ik ga vertellen dat hij vader gaat worden.

“IK BEN ZWANGER!!”, schreeuw ik uit met een snik in mijn stem. “Echt waar? Oh lieverd, lieverd van me!” Ik hoor de klank van emotie en ongeloof in zijn stem. Stil. We kunnen even niets uitbrengen. Dan hoor ik hem schreeuwen: “Anne is zwanger!” Ik hoor een luid gejuich op de achtergrond. “Oh lieverd, wat wil ik nu graag bij je zijn, jou en je buikje knuffelen. Wauw!”

 Op 21 juni 2011, de eerste dag van de zomer, ben ik moeder geworden. Onze prachtige dochter Felicia is geboren op de eerste dag van de zomer. Met haar erbij zal de zon elke dag schijnen, mijn zomerkind.

In de zomer van 2012 wordt mijn tweede grote droom werkelijkheid. Deze zomer komt mijn boek ‘Paaseitjes zoeken in het AMC’ uit. Mijn verhaal over liefde, reizen en vruchtbaarheidsproblemen.

Paaseitjes zoeken in het AMC

Stel, je bent een vrouw van dertig. Je woont in Amsterdam, je hebt geweldige vrienden, een prima baan, een nog leukere liefde met wie je samen oud wilt worden en je geniet van het leven.

Het geluk lacht je toe, de wereld ligt aan je voeten en alles gaat vanzelf.

Je stopt met de pil, want jij en je man willen dolgraag een baby. Dan lopen de dingen anders dan dat je dacht. 90% wordt zwanger in het eerste jaar, jij niet.

is schrijver van het boek "Paaseitjes zoeken in het AMC (2012)"

Je gaat naar de huisarts en naar het ziekenhuis. Je komt in een traject waar je niet in wilde komen. Er is geen weg meer terug. De ene tegenslag na de andere, je verliest de controle over je leven. Dingen gebeuren waar je geen invloed op hebt. Je vecht totdat je erbij neervalt. En hoe dan verder? Want, wat als het echt niet lukt? Kan je gelukkig worden? Dan gebeurt er van alles tegelijk, een rare samenloop van omstandigheden waardoor je leven nooit meer hetzelfde zal zijn.

Over de schrijfster:  Anne Tel (1975) hield haar dagboek bij over haar vruchtbaarheidsbehandelingen. Zij durft te schrijven over de grootste onzekerheden in haar leven en ze geeft daarbij haar meest kwetsbare kant bloot.

Lees verder